Veelgestelde vragen

 

Vraag 1: Waarom zijn er nu ineens zoveel bedrijventerreinen te veel?

Antwoord: In 2008 was de verwachtte groei van bedrijventerreinen stukken hoger. Op basis van deze verwachtingen hebben individuele gemeenten plannen gemaakt om bedrijventerreinen te ontwikkelen. Nu zien we dat de verwachtingen niet kunnen worden ingevuld Dit komt door de economische crisis èn belangrijker veranderde de behoefte van bedrijven: die hebben tegenwoordig per medewerker veel minder ruimte nodig dan we vroeger dachten. Economische groei betekent tegenwoordig niet meer per sé een grotere ruimtebehoefte.

Het is overigens ook niet zo dat er nu bijna 500 hectare aan bedrijventerrein leeg ligt. Veel van deze hectares zijn nog (zachte) plannen, of zijn terreinen die nog niet in ontwikkeling zijn genomen. Het is nu van belang dat de goede bedrijventerreinen ontwikkeld worden, dus de terreinen waar de markt om vraagt.

 

Vraag 2: De regio Eindhoven doet het economisch toch zo goed? Is inkrimpen wel nodig?

Antwoord: Onze regio doet het inderdaad veel beter dan het landelijk gemiddelde, maar net als in andere regio’s is er door de veranderde vraag ook bij ons minder behoefte aan bedrijventerreinen dan we in 2008 dachten. We krimpen dus niet in bedrijventerreinen, we groeien minder hard dan we een paar jaar geleden dachten. Echte krimp wordt verwacht vanaf 2030.

 

Vraag 3: Ik zie dat jullie ook nog rekening houden met aanleg van nieuwe bedrijventerreinen, dat is toch onlogisch als we teveel bedrijfsterreinen hebben?

Antwoord: We moeten aan de ene kant inderdaad inkrimpen in plannen, maar aan de andere kant moeten we bestaande bedrijven behouden en nieuwe aantrekken. Het ene bedrijventerreinen is het andere niet. We zien nu dat ondanks dat we te veel aan bedrijventerreinen hebben, we voor bepaalde nieuwe bedrijven niet de goede terreinen aanbieden. Een voorbeeld is de grootschalige logistiek, dit zijn bedrijven die groter zijn dan 5 hectare en die specifieke wensen hebben bijvoorbeeld over de bereikbaarheid, die alleen op nieuwe terreinen gerealiseerd kunnen worden, of waarvoor het bestemmingsplan dient te worden aangepast. Als we dit niet zouden doen, dan kunnen deze bedrijven zich niet in de regio vestigen. Terwijl zij wel heel belangrijk zijn voor de keten van bedrijven in de Brainportregio.

 

Vraag 4: Waarom werken juist deze negen gemeenten samen en niet andere?

Antwoord: De samenwerking van de negen gemeenten is al vele jaren heel hecht. Als je naar toeleveringsbedrijven en kijkt waar bijvoorbeeld veel medewerkers van bedrijven wonen, dan zie je dat juist deze negen gemeenten heel sterk met elkaar zijn verweven. Bedrijven en de economie houden zich niet aan gemeentegrenzen. Ook de andere gemeenten in de regio hebben natuurlijk economische overlap met hun (directe) buurgemeenten.  Uiteindelijk zullen de definitieve afspraken worden besproken in de Metropool Regio Eindhoven, waarin 21 gemeenten zitten.

 

Vraag 5: Wat gaat dit mijn gemeente kosten?

Antwoord: We weten de kosten per gemeente nog niet precies, maar belangrijker nog, we zijn nu aan het overleggen hoe we door samenwerking kosten kunnen beperken en beter verdelen.

 

Vraag 6: In mijn gemeente zijn bijna geen bedrijventerreinen, dan hoeven we toch ook niet bij te dragen?

Antwoord: Er zijn misschien geen bedrijventerreinen, maar ook in uw gemeente wonen veel mensen die werken in een van de andere acht gemeenten of zitten bijvoorbeeld winkels die daar mede van afhankelijk zijn.

 

Vraag 7: Kunnen jullie daar geen huizen bouwen?

Antwoord: Dat zou een optie kunnen zijn, alleen is er in onze regio maar een beperkt tekort aan woningen. Er hoeven veel minder woningen te komen dan er aan overtollige bedrijventerreinen beschikbaar zijn. Bovendien leent niet elk bedrijventerrein zich door zijn ligging goed voor woningbouw.

 

Vraag 8: Wat kun je dan nog anders aanleggen op een overbodig bedrijventerrein?

Antwoord: Velden met zonnepanelen, natuurgebied, een speelterrein. Probleem is alleen dat deze functies minder geld opleveren of zelfs geld kosten, terwijl rekening is gehouden met opbrengsten van bedrijfshuisvesting. We staan wel erg open voor nieuwe ideeën voor nieuwe bestemmingen vanuit de markt of burgers.

 

Vraag 9: Zijn alle bedrijventerreinen die nu overbodig zijn ook al aangelegd?

Antwoord: Soms wel, maar het kan ook om bedrijven gaan die wel al in het bestemmingsplan zijn opgenomen maar nog niet aangelegd. Of het bedrijventerrein is alleen nog maar een stip op de kaart.

 

Vraag 10: Wat gaat het afschrijven van al deze bedrijventerreinen kosten?

Antwoord: De kosten van het afschrijven van de terreinen zijn nog niet bekend. We zijn druk bezig dit inzichtelijk te maken, dit is ook belangrijk in de afweging die we moeten maken. U kunt zich voorstellen dat het hier om fikse bedragen zou kunnen gaan, maar belangrijker is dat als er niets gebeurt de kosten op lange termijn hoger zullen zijn.

 

Vraag 11: Wie neemt uiteindelijk de beslissing over de bedrijventerreinen die een andere bestemming moeten krijgen?

Antwoord: We proberen gezamenlijk tot slimme oplossingen te komen, maar uiteindelijk nemen de individuele gemeenteraden de beslissing.

 

Vraag 12: Zijn alle bedrijventerreinen in handen van gemeenten?

Antwoord: Nee, dat is wisselend. Soms zijn de bedrijventerreinen in handen van gemeenten en soms in handen van marktpartijen.

 

Vraag 13: is al bekend welke bedrijventerreinen weg moeten

Antwoord: Nee, wel wordt langzamerhand duidelijk waar de markt de meeste behoefte aan heeft en met welke financiële aspecten rekening moet worden gehouden.